Jaarboek

Artikel                    ‘t Waterhuisje

 

 

Gedurende 1986 en 1987 werd er bodemonderzoek verricht in de polders van Halsteren tussen het dorp Halsteren en de stad Tholen en de Oosterschelde. Het bodemonderzoek vond plaats op een locatie waar vermoedelijk een herberg heeft gestaan aan het Lange Water een inmiddels afgesloten vertakking van de Oosterschelde. De locatie wordt ook wel de Verkorting genoemd en men stak er over van en naar het eiland Tholen. Het bodemonderzoek werd uitgevoerd door amateur archeologen van de Werkgroep Archeologie van de Heemkundekring Halsteren – Lepelstraat  ‘Halchterth en de Werkgroep Archeologie Tholen. Het bodemonderzoek was aanvankelijk gericht op het vaststellen en bepalen van de ouderdom van de bewoningssporen. Echter de opgraving aan de voormalige vaarverbinding tussen de Noordelijke- (Dordrecht en Rotterdam) en Zuidelijke (Antwerpen) Nederlanden bracht  onverwacht een ongekende hoeveelheid gebruiksvoorwerpen aan het licht. Het betrof honderden vondsten van Bergs, West –Fries en Delfts aardewerk, alsmede steengoed, glas en tinnen vondsten uit de 17e en 18e eeuw.

 

Tholen en Halsteren liggen op een kruispunt van de Noordelijke- en Zuidelijke Nederlanden, maar ook van Brabant (Breda) en Zeeland (Vlissingen, Goes en Middelburg). Tholen en Halsteren ligt tussen de stadjes Bergen op Zoom en Steenbergen en de voormalige verdronken stad Reimerswaal. Tholen als kustplaats en Halsteren gevestigd op de West – Brabantse zand- en leemgronden met kleipolders aan de voet van het dorp en bossen aan de oostkant en in de nabijheid van de marktplaatsen van eerder genoemde stadjes, moeten een enorme pluriformiteit gekend hebben in haar bestaan in de 17e en 18e eeuw. Het jaarboek ligt  hiervan een tipje van de sluier op.

 

 

Historie

Voor de vorming van de gemeente Halsteren in 1810 en het oostelijke deel van Tholen bestond het gebied uit 4 heerlijkheden Halsteren, Noordgeest, Auvergne- en Glimespolders en de Oud en Nieuw Beijmoerpolder. De plaats van de opgraving bevindt zich aan de rand van de Auvergnepolder aan de westkant van het Lange Water. Deze locatie viel in de Middeleeuwen onder Zeeland, de grens met Brabant was het Lange Water. In de 13e eeuw werd voor het eerst melding gemaakt van de polders. Het waren voornamelijk de heren van Borselen de zich met de inpoldering bezig hielden. Het ontstaan van de polders met haar vaarwegen en bewoning wordt beschreven in het hoofdstuk Historie. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog komen de polders weer onder water te staan en pas na het verslaan van de Spaanse armada op de Zeeuwse wateren wordt er weer over herinpoldering gesproken. Op 20 mei 1687 wordt toestemming verleend door de Staten Generaal. Er zal eerst nog veel water door de Schelde stromen, voordat daadwerkelijk de bedijking is uitgevoerd. In 1692 is het dan zover, maar de verdeling van de polders brengt veel ruzie teweeg, omdat iedereen vindt dat de aan hem toegewezen gedeelte te klein. In 1693 wordt deze kwestie geregeld.

 

Opgraving

Gedurende 1986 en 1987 en met een na-onderzoek in 1988 werd er bodemonderzoek verricht in de polders van Halsteren. De opgraving zelf is een korte opgraving geweest, welke in enkele weken werd uitgevoerd vanwege de omstandigheden. De locatie moest na twee weken weer worden opgeleverd aan de gemeente Halsteren, die er vissteigers zou gaan bouwen. De locatie heet de Verkorting en wees op een oversteekplaats/veer van en naar Zeeland. Deze locatie bevindt zich aan het Lange Water, een vliet, waar deze op zijn smalst is en wellicht ook was. Uit de vondsten bleek dat de polders regelmatig werden getroffen door overstromingen. Sommige vondsten hebben aangroeisel van zeepokken. Er werd besloten een graafmachine in te zetten ter verwijdering van de bovenlaag. Onverwacht werden tijdens de verwijdering van de bovenlaag vele gebruiksvoorwerpen zichtbaar, waarop werd besloten de graafmachine te blijven gebruiken om snel dieper te kunnen komen. Op deze onprofessionele manier kon snel gewerkt worden. Belangrijke gegevens zoals funderingen konden slechts marginaal worden vastgelegd. De opgraving beperkte zich uiteindelijk tot het veiligstellen van gebruiksvoorwerpen mede omdat op 2 meter diepte grond- en welwater van het nabijgelegen Lange Water begon door te dringen in de put. De meeste gebruiksvoorwerpen dateerden uit de 17e en 18e eeuw met een enkele oudere vondst, hetgeen overeenkomt met de tweede bewoningsperiode van de polder.

 

Er wordt in het jaarboek door middel van geromantiseerde vertellingen (Wat schaft de pot) een beeld gegeven van de leefsituatie in deze polders.

 

Vondsten

Er is sprake van een aantal intrigerende vondsten met name onder Delfts aardewerk waarvan heden ten dage nog steeds gespeculeerd wordt naar wat de afbeeldingen op de Delfts blauwe en majolica borden ons willen zeggen. Op een heldere en duidelijke wijze is de  werkgroep Archeologie er in geslaagd dit boek zodanig te schrijven, dat het voor een breed publiek toegankelijk is, naast het wetenschappelijk belang er van.

Steengoed vondsten van Langerwehe, Raeren en Westerwald staan met mooie foto’s, waarvan vele in kleur afgebeeld. Westerwald steengoedkruiken hebben het wapenschild George Rex. Deze wapenschilden verwijzen naar de toenmalige Engelse koningen George I en George II. Veel vondsten van Bergen op Zooms aardewerk zijn opgegraven, zoals kookpotten, voorraadpotten, bakpannen of koekenpannen, steelkommen, schalen, teilen en andere kleine gebruiksvoorwerpen. Bergen op Zoom was een belangrijk productiecentra en het ligt dan ook voor de hand dat in het naburige Halsteren veel gebruik werd gemaakt van dit aardewerk. De techniek van het Bergen op Zooms aardewerk wordt kort beschreven.

Wit bakkend aardewerk en de engobe techniek worden toegelicht. Fraaie majolica vondsten werden er gedaan, waaronder een bord met een voorstelling van een drinkeboer in blauw, geel en mangaan. Een majolica bord toont een Bijbelse voorstelling met een kruisiging van een vrouw aan het kruis met rozenkrans in blauw geschilderd met sponstechniek.

 

Het hoofdstuk inventaris geeft een goed en overzichtelijk beeld van de gebruiksvoorwerpen die een gemiddelde herberg in de 17e en 18e eeuw in haar bezit zal hebben gehad. Opvallend te lezen is in de inventarislijst de diverse hoeveelheid aardewerk en steengoed. Naast het naburige aardewerk uit Bergen op Zoom is er veel Nederrijns, Delfts en majolica aardewerk. Er is sprake van 127 bierpullen en 75 wijnflessen althans fragmenten. Glas en aardewerk pijpen komen ruimschoots aan bod. Metaal werd er tijdens de opgraving niet veel gevonden. 19 tinnen lepels met onder meer de letters CH en MVL. De natte bodem heeft wat restanten leer nagelaten waaronder een opmerkelijk goed geconserveerd kinderschoentje. Het jaarboek kent een zeer uitgebreide classificatie hoewel het toch maar een deel van de vondsten betreft.

 

Witte plek

Tholen en West – Brabant zijn op de archeologische kaart van Nederland witte plekken. Met deze rijk geïllustreerde publicatie wordt er een stukje ingekleurd. Ook in deze gebieden waren er in de Middeleeuwen en late Middeleeuwen volop activiteiten. Tholen en West – Brabant lagen tijdens de late Middeleeuwen op een strategische belangrijke plaats, dit zal zeker van invloed zijn geweest op het alledaagse leven in deze polders.

 

Jaarboek in kleur

Het jaarboek bevat 112 pagina’s op A4 formaat met veel foto’s in kleur. De prijs per jaarboek bedraagt € 12,90 exclusief portokosten € 3,50, te bestellen door overmaking op bankrekening IBAN: NL59  RABO  0118  8258  36 t.n.v. Heemkundige studiekring ‘Halchterth’ te Halsteren.

Na ontvangst van uw betaling zal zo snel mogelijk een exemplaar naar u worden toegezonden.

 

 

Literatuursignalement

 

Archeologische vondsten aan het Lange Water, de voormalige grens tussen Zeeland en Brabant.  Halsteren, West – Brabant, jaarboek Heemkunde kring Halchterth.

Onder de titel ’t Waterhuisje wordt verslag gedaan van de archeologische vondsten in Halsteren bij een herberg aan een vertakking van de Oosterschelde genaamd het Lange Water. Dit jaarboek 1999 is een uitgave van de Heemkundekring Halsteren – Lepelstraat onder redactie van de Werkgroep Archeologie. Het bodemonderzoek in de polders van Halsteren was aanvankelijk gericht op het vaststellen en bepalen van de ouderdom van de bewoningssporen. Onverwacht kwam een ongekende hoeveelheid gebruiksvoorwerpen uit de 17e en 18e eeuw aan het licht. Het boek geeft naast een historisch overzicht een toelichting op de opgraving en de vondsten ingedeeld in hoofdstukken naar aardewerk, steengoed, glas, metaal enz. Er is sprake van een aantal intrigerende vondsten. Het boek geeft een goed beeld van de leefsituatie in de 17en 18e eeuw en wat een herberg in die tijd aan gebruiksvoorwerpen in gebruik had.

 

 

Het jaarboek bevat 112 pagina’s op A4 formaat met veel foto’s in kleur. De prijs per jaarboek bedraagt € 12,90exclusief portokosten, te bestellen door overmaking op bankrekening IBAN:  NL59 RABO  0118  8258  36 t.n.v. Heemkundekring ‘Halchterth’ te Halsteren.

Na ontvangst van uw betaling zal zo snel mogelijk een exemplaar naar u worden toegezonden.

Portokosten voor buiten de gemeente Bergen op Zoom zijn € 3,50.

Het jaarboek kunt u ook iedere zaterdagochtend tussen 10:00 uur en 12:00 uur afhalen in het Heemhuis, De Beeklaan 29a te Halsteren.

 

 

Literatuurbespreking/boekennieuws

 

Werkgroep Archeologie (Red.) van de Heemkundekring Halsteren – Lepelstraat.

’ t Waterhuisje. Archeologische vondsten aan de voormalige grens tussen Zeeland en Brabant, bij een herberg aan een vertakking van de Oosterschelde genaamd het Lange Water.

Halsteren jaarboek heemkundekring Halchterth, 112 pagina’s op A4 formaat. Prijs € 12,90.

 

 

Gedurende 1986 en 1987 werd er bodemonderzoek verricht in de polders van Halsteren tussen het dorp Halsteren en de stad Tholen. Het bodemonderzoek vond plaats op een locatie waar vermoedelijk een herberg heeft gestaan aan het Lange Water een inmiddels afgesloten vertakking van de Oosterschelde. De locatie wordt ook wel de Verkorting genoemd en men stak er over van en naar het eiland Tholen. Het bodemonderzoek werd uitgevoerd door amateur archeologen van de Werkgroep Archeologie van de Heemkundekring Halsteren – Lepelstraat  ‘Halchterth’ en de Werkgroep Archeologie Tholen. Het bodemonderzoek was aanvankelijk gericht op het vaststellen en bepalen van de ouderdom van de bewoningssporen. Echter de opgraving aan de Zeeuwse/Thoolse kant van de voormalige vaarverbinding tussen de Noordelijke- (Dordrecht en Rotterdam) en Zuidelijke (Antwerpen) Nederlanden bracht  onverwacht een ongekende hoeveelheid gebruiksvoorwerpen aan het licht. Het betrof honderden vondsten van Bergs, West – Fries en Delfts aardewerk, alsmede steengoed, glas en tinnen vondsten uit de 17e en 18e eeuw. Er is sprake van een aantal intrigerende vondsten met name onder Delfts aardewerk waarvan heden ten dage nog steeds gespeculeerd wordt naar wat de afbeeldingen op de Delfts blauwe en majolica borden ons zouden willen zeggen.

 

Het jaarboek beschrijft het ontstaan van de polders, via vele historische kaarten is de ontwikkeling van de polders te volgen. Er wordt een beeld gegeven van de opgraving zelf alsmede hoofdstukgewijs een beschrijving van de opgraving en de vondsten. Steengoed, aardewerk, Delfts blauw en wit, aardewerk pijpen, glas en tin alles met foto’s waarvan vele in kleur.

Op een zeer beperkte oppervlakte van enkele tientallen vierkante meters werden honderden gebruiksvoorwerpen gevonden. Nader archiefonderzoek verduidelijkte dat het hier om een herberg ging bij een oversteekplaats/veer naar Zeeland. De naam “Verkorting” wees mogelijk ook in deze richting zijnde een oversteekplaats waar het Lange Water het smalst was.

Het Lange water was de voormalige grens tussen Zeeland en Brabant. Het stuk tussen het Lange Water en Tholen was eigendom van de Heren Van Borselen. Deze Zeeuwse edelen deden veel aan inpolderingen

Uit de vondsten blijkt dat de polders regelmatig werden getroffen door overstromingen. Sommige vondsten hebben aangroeisel van zeepokken. Uit de archieven blijkt dat het inpolderingsproces een lange en moeizame weg is geweest en dat pas vanaf de 17e eeuw van een definitieve inpoldering gesproken mag worden. Over waarom er zoveel Bergs aardewerk en West – Friese borden werden gevonden kunnen alleen vermoedens worden uitgesproken. In een geromantiseerde vertelling wordt verteld wat destijds de dagelijkse kost was en hoe de omgeving er uit gezien zal hebben. Tholen en Halsteren liggen op een kruispunt van de Noordelijke- en Zuidelijke Nederlanden, maar ook van Brabant (Breda) en Zeeland (Vlissingen, Goes en Middelburg). Tholen en Halsteren liggen tussen de stadjes Bergen op Zoom en Steenbergen en de voormalige verdronken stad Reimerswaal. Tholen als kustplaats en Halsteren gevestigd op de West – Brabantse zand- en leemgronden met kleipolders aan de voet van het dorp en bossen aan de oostkant en in de nabijheid van de marktplaatsen van eerder genoemde stadjes, moeten een enorme pluriformiteit gekend hebben in hun bestaan in de 17e en 18e eeuw. Het jaarboek ligt  hiervan een tipje van de sluier op.

 

 

 

Het jaarboek bevat 112 pagina’s op A4 formaat met veel foto’s in kleur. De prijs per jaarboek bedraagt € 12,90exclusief portokosten €3,50, te bestellen door overmaking op bankrekening IBAN: NL59  RABO  0118  8258  36 t.n.v. Heemkundekring ‘Halchterth’ te Halsteren.

Na ontvangst van uw betaling zal zo snel mogelijk een exemplaar naar u worden toegezonden.

Portokosten voor buiten de gemeente Bergen op Zoom zijn € 3,50.

Het jaarboek kunt u ook iedere zaterdagochtend tussen 10:00 uur en 12:00 uur afhalen in het Heemhuis, De Beeklaan 29a te Halsteren.